Posted on

Is zuivel slecht voor je botten?

zuivel

Jarenlang groeiden we op met de slogan: “Melk is goed voor elk.” In de jaren 50 werd dit het symbool van gezondheid. Maar de afgelopen decennia is zuivel steeds vaker ter discussie gesteld. Maar is dat terecht?

Er is weleens beweerd dat zuivel slecht is voor je botten omdat het verzurend zou werken. Het idee was dat zuivel de zuurgraad in het lichaam verhoogt, waardoor calcium uit de botten wordt gehaald om dat te neutraliseren. Dit zou botontkalking in de hand werken. Alleen: overtuigend wetenschappelijk bewijs voor deze theorie ontbreekt.

Wat wél sterker naar voren komt uit onderzoek, is de relatie tussen botbreuken en welvaart. In rijke landen waar veel zuivel wordt gegeten, komen ook relatief veel botbreuken voor. Maar dat lijkt eerder te komen door een inactieve leefstijl dan door voeding. Ook in landen waar zuivel nauwelijks wordt geconsumeerd, zoals China, stijgt het aantal botbreuken naarmate mensen minder bewegen. Beweging blijft dus cruciaal voor sterke botten.

Is zuivel nodig voor sterke botten?
Zuivel kan helpen bij het behoud van sterke botten omdat het rijk is aan calcium, eiwit en vitamine D – drie belangrijke bouwstenen voor gezonde botstructuur. Maar: zuivel is geen voorwaarde. Het draait om de combinatie van voeding én beweging.

Alle drie de voedingsstoffen kunnen ook uit andere bronnen worden gehaald:
• Groene bladgroenten (zoals boerenkool en broccoli).
• Noten (zoals amandelen en hazelnoten).
• Peulvruchten (zoals linzen en bonen).
• Vette vis (zoals sardines en zalm).
• Vlees (zoals kip en rund).
• Eieren.
Zolang je gevarieerd eet, kun je ook zonder zuivel sterk staan.

Hoeveel zuivel per dag is aan te raden?
Voor wie wél zuivel eet, adviseert de Gezondheidsraad zo’n 2 tot 3 porties per dag. Dat komt neer op:
• 1 glas melk (250 ml).
• 1 kommetje yoghurt (150 g).
• 2 plakken kaas (à 40 g).

Maar dit is geen harde regel. Je persoonlijke behoeften, voorkeuren en doelen bepalen wat voor jou werkt.

Opdracht
Bekijk je eigen voedingspatroon eens onder de loep.
1. Hoeveel zuivel eet je op een dag?
2. Kom je daarmee in de buurt van de aanbevolen hoeveelheden voor calcium, eiwit en vitamine D?
3. Zoek ten minste één niet-zuivel alternatief voor elk van deze drie nutriënten en probeer deze komende week in je voeding op te nemen.

Zo leer je niet alleen wat je eet, maar ook waarom je het eet.

Posted on

Is dirty bulken goed voor spieropbouw?

dirty bulken

Snel aankomen en spiermassa opbouwen: het klinkt als de droom van veel krachtsporters. Vooral hardgainers – mensen die moeilijk in gewicht aankomen – kiezen soms voor dirty bulken. Hierbij draait alles om zoveel mogelijk calorieën binnenkrijgen, zonder echt te letten op de voedingskwaliteit. Maar is dit de beste aanpak voor spiergroei? Nee, integendeel. Dirty bulken heeft vooral nadelen en kan je progressie juist tegenwerken.

Dirty bulk vs. clean bulk
Bij een dirty bulk ligt de focus puur op calorie-inname. Junkfood zoals pizza, ijs en fastfood maken vaak een groot deel uit van het dieet. Ook pindakaas wordt vaak in grote hoeveelheden gegeten vanwege het hoge caloriegehalte.

Een clean bulk is het tegenovergestelde. Hierbij draait het om voedzame, onbewerkte producten zoals volkoren granen, groenten, fruit, kipfilet en biefstuk. Toch is het belangrijk om niet te zwart-wit te denken: een gebalanceerd voedingspatroon staat centraal. Een zak chips of een stuk chocolade kan prima binnen een gezond eetpatroon passen, zolang de basis maar goed is.

Waarom dirty bulken geen goed idee is
1. Te veel vetmassa
Het grootste nadeel van dirty bulken is dat je vaak te veel vet opslaat. Dit betekent dat je later langer moet cutten (een fase waarin je vet verliest) om weer een laag vetpercentage te krijgen.
Voorbeeld: Bram traint al drie jaar en besluit te dirty bulken. Hij komt 5 kg vet aan en weegt nu 85 kg. Omdat hij niet te snel wil afvallen – om spierverlies te voorkomen – duurt het 8 weken om die 5 kg kwijt te raken. Had hij zijn bulk beter aangepakt en was hij slechts 2 kg in vet aangekomen, dan had hij minder dan 4 weken nodig gehad om dit er weer af te krijgen.
Voor gevorderde sporters is dirty bulken dus geen goed idee. Hoe verder je komt in je krachttrainingsreis, hoe minder calorieën je extra nodig hebt voor spiergroei. Waar een beginner een overschot van 10% kan hanteren, is voor gevorderden 3% al voldoende. Een te groot calorieoverschot leidt alleen maar tot extra vetopslag.

2. Meer is niet altijd beter
Naast een langere cut-fase brengt dirty bulken nog een ander probleem met zich mee: hoe hoger je vetpercentage, hoe groter de kans dat je in een bulk meer vet opslaat dan spiermassa. Dit komt door:
• Chronische ontstekingen: Vetweefsel scheidt stoffen uit die ontstekingen bevorderen. Hoe meer vet je hebt, hoe hoger je ontstekingsniveau.
• Slechtere insulinegevoeligheid: Meer vet leidt tot een instabielere bloedsuikerspiegel, wat spiergroei kan remmen.
• Hormonale verstoringen: Een verhoogd vetpercentage kan testosteronwaarden verlagen en spiergroei onderdrukken.
Dirty bulken zorgt er dus niet alleen voor dat je meer vet opslaat, maar het kan ook spieropbouw belemmeren. Dat is precies het tegenovergestelde van wat je wilt bereiken met een bulkfase.

Opdracht:
Wil je weten of jouw bulkstrategie effectief is? Houd een week lang bij wat je eet en analyseer de verdeling tussen voedzame en minder voedzame caloriebronnen. Probeer vervolgens een balans te vinden waarin je spiergroei maximaliseert zonder onnodig veel vet aan te komen. Wat kun je verbeteren? Schrijf je bevindingen op en pas je voedingsschema aan voor de beste resultaten!

Bron: Bellcoaching

Posted on

Aankomen: energierijke voedingstips

aankomen in gewicht

Wil je in gewicht aankomen? Dan is het essentieel om meer energie binnen te krijgen dan je verbruikt. Dit kun je doen door je maaltijden energierijker te maken, zonder dat je jezelf forceert om grote hoeveelheden te eten. Hieronder een aantal praktische tips:

Tips voor energierijke voeding:
✅ Kies voor volle producten – vervang magere varianten door halfvolle of volle alternatieven. Denk aan volle melk, yoghurt en kwark.
✅ Ga voor volle kaas – kies kaassoorten met een hoger vetpercentage, zoals 48+ kaas, voor extra calorieën.
✅ Maak eten aantrekkelijk – rooster je boterhammen, maak tosti’s of panini’s. Dit maakt brood smakelijker en kan helpen om meer te eten.
✅ Drink calorierijke dranken – vruchtensappen en smoothies bevatten relatief veel energie en zijn makkelijk te consumeren.
✅ Beleg royaal – dubbel belegde boterhammen met bijvoorbeeld pindakaas en banaan of kaas en avocado zorgen voor extra calorieën.
✅ Gebruik sauzen en jus – voeg jus of saus toe aan je maaltijden om de energiedichtheid te verhogen.
✅ Verrijk je maaltijden – gebruik kookroom, boter of olie bij de bereiding van warme gerechten.
✅ Verdeel je maaltijden – heb je moeite met grote porties? Eet je hoofdmaaltijd in twee delen om het makkelijker te maken.
✅ Eet wat je lekker vindt – voedingsmiddelen die je niet lekker vindt, kunnen je eetlust verminderen. Kies voor eten waar je van geniet.
✅ Stimuleer je eetlust – friszure producten zoals een glas vruchtensap, een stukje appel, augurk of tomaat voor de maaltijd kunnen helpen om je eetlust op te wekken.

Aan de slag
Probeer de komende week dagelijks minstens drie van deze tips toe te passen en houd je vooruitgang bij. Noteer je gewicht, energiepeil en eventuele veranderingen in je eetlust. Wat werkt goed voor jou? Wat kun je nog aanpassen om je doelen makkelijker te bereiken? Succes!

Posted on

Bewust eten

bewust eten

Bewust eten begint al voordat je een hap in je mond stopt. Het draait om bewuste keuzes maken bij het kopen, bereiden en consumeren van voeding. Door aandacht te schenken aan deze stappen, kun je niet alleen gezonder eten, maar ook meer genieten van je maaltijden.

Bewust kopen
Een bewuste eetstijl begint in de supermarkt of op de markt. Wat stop je in je mandje en waarom? Het klakkeloos kopen van producten met gezondheidsclaims is niet per se een bewuste keuze. Bewust kiezen betekent dat je de eigenschappen van producten kent en de voordelen en nadelen tegen elkaar afweegt. Deze voordelen kunnen variëren:
• Gezondheid: vers, onbewerkt en vol voedingsstoffen.
• Duurzaamheid: regionale producten verminderen de milieubelasting.
• Ethisch: biologische producten vermijden dierenleed en schadelijke bestrijdingsmiddelen.
• Smaak: versheid draagt bij aan een rijke smaakbeleving.
• Praktisch: sommige voedingsmiddelen zijn snel te bereiden of lang houdbaar.
• Kosten: seizoen producten zijn vaak voordeliger.

Een bewuste keuze maken betekent dat je je bewust bent van wat je koopt en waarom. Heb je bijvoorbeeld een bepaald gezondheidsdoel, zoals afvallen of spieropbouw? Dan houd je daar rekening mee bij het selecteren van producten.

Bewust eten
Wanneer je de boodschappen in huis hebt, begint de volgende fase: het bereiden en consumeren van je maaltijd. Dit vraagt om aandacht en geduld. Hier zijn enkele richtlijnen om bewuster te eten:
• Creëer een rustige eetsfeer: zet de televisie uit, leg je telefoon weg en neem plaats aan tafel.
• Gebruik al je zintuigen: kijk naar je bord, ruik je eten en proef bewust de verschillende smaken.
• Eet langzaam: kauw goed en neem kleine happen. Dit helpt je spijsvertering en geeft je lichaam de tijd om een verzadigingsgevoel te ontwikkelen.
• Voel wat voeding met je doet: welke structuren voel je? Knapperig, zacht, dik, glad? Hoe reageert je lichaam? Voel je je energiek, verzadigd of juist loom?

Een leuke manier om dit te oefenen is om te eten alsof je in een luxe restaurant zit. Neem kleine hapjes, geniet van elke smaak en eet met aandacht. Dit helpt je niet alleen om beter te proeven, maar ook om op tijd te herkennen wanneer je genoeg hebt gegeten.

Opdracht: eet bewust deze week
Neem de komende week bewust de tijd om met aandacht te eten. Plan minstens drie maaltijden in waarin je echt focust op je eten. Zet de televisie uit, leg je telefoon weg en observeer je voedsel met al je zintuigen. Welke smaken proef je? Hoe voelt de textuur? Geniet je meer van je maaltijd? Noteer je ervaringen en kijk of je verschil merkt in je eetbeleving en verzadiging. Bewust eten is een vaardigheid die je kunt trainen, en hoe vaker je het doet, hoe natuurlijker het wordt!

Posted on

Sporten zonder ontbijt?

ontijbt

Het idee klinkt aantrekkelijk: sporten op een lege maag om sneller vet te verbranden. Als je ’s ochtend ‘s wakker wordt, zijn je glycogeenvoorraden (koolhydraten) het laagst, omdat je gedurende de nacht niets hebt gegeten. Door direct te sporten, zou je lichaam sneller energie uit vetreserves halen. Dit klopt in theorie, maar betekent niet dat je nu standaard je wekker om 6.00 uur moet zetten.

Ontbijt of geen ontbijt?
Voor vetverlies maakt het weinig verschil of je sport op een lege maag of na een maaltijd. Het belangrijkste bij afvallen is dat je minder calorieën binnenkrijgt dan je verbruikt. Dit creëert een calorietekort, waardoor je lichaam energie uit vetreserves gaat halen. Of je nu ’s ochtend ‘s vroeg of ’s avonds laat sport, zolang je consistent bent en op je calorie-inname let, bereik je hetzelfde resultaat.

Krachttraining op een lege maag
Hoewel vetverlies geen verschil maakt, kan trainen op een lege maag wél invloed hebben op spiergroei. Tijdens krachttraining vindt zowel spieropbouw als spierafbraak plaats. Als je op een lege maag traint, heeft je lichaam geen direct beschikbare voedingsstoffen om afbraak te beperken en opbouw te ondersteunen. Dit resulteert in een groter verlies van spiermassa. Spieren groeien als het opbouwproces groter is dan de afbraak. Om dat te ondersteunen, is het verstandig om vóór je training iets te eten, met name eiwitten. Dit geeft je lichaam de benodigde bouwstoffen om beschadigde spiervezels te herstellen en sterker terug te laten komen.

Wat kun je het beste doen?
Sporten zonder ontbijt biedt geen voordelen voor vetverlies, dus kies het moment dat voor jou het beste werkt. Als je krachttraining doet, is het echter verstandig om eerst iets te eten, vooral iets met eiwitten, om spierafbraak te beperken en spiergroei te ondersteunen. Je voeding speelt hierbij een cruciale rol.

Opdracht: maak jouw persoonlijke sport- en voedingsplan:
1. Bepaal je doel: wil je afvallen, spiermassa opbouwen of je conditie verbeteren?
2. Kies je ideale sportmoment: stel een schema op dat past bij jouw dagritme.
3. Stel je voeding af: plan je maaltijden rond je sportmomenten. Experimenteer bijvoorbeeld met een lichte eiwitrijke snack voor krachttraining.
4. Monitor je vooruitgang: houd je energielevels, prestaties en lichaamsveranderingen bij om te zien wat voor jou werkt.

Probeer dit plan een week uit en pas het aan waar nodig. Wat werkt voor jouw lichaam? Deel je ervaringen!

Posted on

Mineralen en spoorelementen: onmisbaar

mineralen

Net als vitaminen zijn de meeste mineralen essentieel voor ons lichaam. Dit betekent dat we ze niet zelf kunnen aanmaken en ze via onze voeding moeten binnenkrijgen. Mineralen spelen een belangrijke rol in talloze lichaamsprocessen, zoals het functioneren van onze stofwisseling en het vormen van bouwstoffen voor het lichaam.

Hoewel mineralen in kleine hoeveelheden voorkomen in ons voedsel, variëren onze dagelijkse behoeften sterk. Sommige mineralen, zoals calcium, hebben we in grammen nodig, terwijl we andere, zoals kobalt, in microgrammen nodig hebben. Wanneer mineralen in zeer kleine hoeveelheden nodig zijn, noemen we ze spoorelementen.

Belangrijke mineralen en hun functies
Calcium
Dagelijkse behoefte: minimaal 1000 mg
Bronnen: melk, kaas, broccoli, boerenkool, sesamzaad, noten, oesters, sojaproducten, bonen.
Functie: Vorming van botten, spiercontractie, bloedstolling, hartritme en een rustgevend effect.
Gevolgen van tekort: Hartkloppingen, spierzwakte, vermoeidheid, hoge cholesterol, hartkwalen.

Fosfor
Dagelijkse behoefte: minimaal 550 mg
Bronnen: kaas, lever, zilvervliesrijst, eidooier, noten, peulvruchten, scharrelvlees.
Functie: Gezonde botten en tanden, ondersteuning celdeling.
Gevolgen van tekort: Pijn in botten, bloedarmoede.

Jodium
Dagelijkse behoefte: minimaal 150 mg
Bronnen: vis, melkproducten, kelp, Jozo-zout, uien, brood.
Functie: Ondersteuning schildklierfunctie en stofwisseling.
Gevolgen van tekort: Schildklierproblemen, vertraagde reacties, gewichtstoename, vermoeidheid.

Kalium
Dagelijkse behoefte: minimaal 3500 mg
Bronnen: vis, avocado, citrusvruchten, groene groenten, aardappelen, bananen, tomaten.
Functie: Spiersamentrekkingen, zenuwstelsel, vochthuishouding, hartritme.
Gevolgen van tekort: Zwakte, slapeloosheid.

Koper
Dagelijkse behoefte: minimaal 0,9 mg
Bronnen: noten, schaal- en schelpdieren, bonen, sesamzaad, volkoren producten, pruimen.
Functie: Bloedvorming, opname van ijzer, eiwitstofwisseling.
Gevolgen van tekort: Bloedarmoede, verzwakte afweer, botafwijkingen.

Passende opdracht
Maak een voedingsdagboek voor één week waarin je specifiek let op het binnenkrijgen van de bovengenoemde mineralen. Noteer bij elke maaltijd welke voedingsmiddelen je eet en aan welk mineraal deze bijdragen. Reflecteer aan het einde van de week: krijg je voldoende van elk mineraal binnen of zijn er tekorten? Stel op basis van je bevindingen een plan op om eventuele tekorten aan te vullen.

Posted on

Hoe bepaal je de kwaliteit van je voeding?

etiket

Wat betekent “kwaliteit” als het om voeding gaat? Is een A-merk automatisch beter dan een huismerk? Heeft de versheid, prijs of productiewijze invloed op de kwaliteit? Het antwoord is niet eenduidig. Voor je lichaam is voeding van hoge kwaliteit die het meest effectief voedt en voorziet in essentiële voedingsstoffen zoals koolhydraten, eiwitten, vetten, vitamines, mineralen, vezels en vocht. De kwaliteit hiervan hangt af van factoren zoals bewerking, versheid en productiemethoden.

Wat zeggen claims op etiketten over kwaliteit?
Termen zoals “ambachtelijk,” “gezond,” “natuurlijk,” “grootmoeders recept” of “vernieuwde samenstelling” komen vaak voor op etiketten. Hoewel aantrekkelijk, zeggen deze woorden niets over de werkelijke kwaliteit van het product. Ze zijn niet beschermd en kunnen door fabrikanten vrij gebruikt worden als marketingstrategie. Laat je dus niet misleiden door claims, maar kijk naar de feitelijke samenstelling en voedingswaarde.

Toevoegingen en houdbaarheid
In een samenleving waarin voedsel voor grote groepen geproduceerd wordt, zijn toevoegingen zoals E-nummers, zout en suiker vaak nodig om producten langer houdbaar te maken. Hoewel toevoegingen soms argwaan wekken, zijn ze onder strikte voorwaarden veilig en bedoeld om kwaliteit en smaak te behouden. Het is belangrijk om te variëren tussen verse en bewerkte voedingsmiddelen om een gezonde balans te vinden.

Keurmerken: betrouwbaar of misleidend?
Veel keurmerken zijn particuliere initiatieven en niet wettelijk geregeld. Ze worden toegestaan zolang ze niet misleidend zijn, maar controle door de overheid ontbreekt vaak. Enkele keurmerken, zoals beoordeeld door Milieu Centraal en het Voedingscentrum, scoren hoog op transparantie, milieu, dierenwelzijn en sociale aspecten. Toch is niet elk keurmerk betrouwbaar. Wees kritisch en zoek uit wat het keurmerk precies betekent. Meer hierover lees je op de website van het Voedingscentrum.

Biologisch: een logische keuze?
Biologisch voedsel bevat doorgaans minder resten van bestrijdingsmiddelen en soms minder nitraat dan gangbare producten, maar het is niet bewezen gezonder. Zowel reguliere als biologische producten voldoen aan strenge veiligheidseisen. Biologisch kiezen kan een bewuste keuze zijn, maar de meerwaarde hangt af van je persoonlijke voorkeuren.

Versheid en bereiding
Hoe verser het product, hoe beter de voedingsstoffen bewaard blijven. Ook de bereidingswijze speelt een grote rol; sommige methoden behouden voedingsstoffen beter, terwijl andere juist verlies veroorzaken. Het is daarom belangrijk om niet alleen te letten op versheid, maar ook bewust te koken.

Kies bewust en varieer
Om de kwaliteit van je voeding te waarborgen, kun je leren deze te herkennen. Kies voor verse producten, vermijd overmatige bewerking en toevoegingen, en lees etiketten zorgvuldig. Variatie in je voedingspatroon is essentieel voor een optimale gezondheid.

Opdracht
Bezoek de supermarkt en kies twee vergelijkbare producten, waarvan één een gezondheidsclaim heeft en de ander niet. Vergelijk de ingrediëntenlijst en voedingswaarden. Onderzoek of er daadwerkelijk een verschil is in kwaliteit en maak een bewuste keuze.

Posted on

Aankomen na ziekte

aankomen na ziekte

Na een ziekte of een lange tijd in het ziekenhuis kun je veel gewicht verliezen. Dit kan zelfs leiden tot ondergewicht, wat niet goed is voor je weerstand en energie. Hier zijn enkele tips om op een gezonde manier weer aan te komen:

1. Eet regelmatig: het is belangrijk om drie maaltijden per dag te eten met een paar gezonde snacks tussendoor. Dit helpt je meer calorieën binnen te krijgen dan je verbruikt.

2. Kies gezonde voeding:
o Begin de dag met een goed ontbijt zoals volkoren brood met kaas, een ei, of yoghurt met muesli.
o Voor lunch en diner, eet volkorenproducten zoals brood of pasta, en zorg voor genoeg groenten en eiwitten (vlees, vis of een vleesvervanger).
o Voeg gezonde vetten toe aan je dieet, zoals avocado’s, zalm en noten.

3. Neem verantwoorde tussendoortjes: eet drie tot vier keer per dag een gezonde snack. Voorbeelden zijn een banaan, een volkoren cracker met kaas, of yoghurt met muesli.

4. Verbeter je eetlust: als je moeite hebt met eten na je ziekte:
o Eet niet te vet, want dat kan je eetlust verminderen.
o Probeer een beetje te bewegen, dit kan je spijsvertering en eetlust helpen.
o Drink een kopje bouillon of friszure dranken zoals sinaasappelsap.

5. Doe lichte krachtoefeningen: Beweging helpt niet alleen je eetlust, maar het kan ook je spiermassa behouden en vergroten. Dit is vooral belangrijk als je ouder bent en snel spiermassa verliest.

Opdracht: probeer deze week elke dag drie gezonde maaltijden en drie tussendoortjes te eten. Noteer wat je eet en hoe je je voelt. Bespreek dit volgende week met je coach of trainer om je voortgang te evalueren en verdere aanpassingen te bespreken.

Posted on

Zoetstoffen

zoetstoffen

Zoetstof is één van de meest besproken onderwerpen in de voedingsindustrie. Veelal wordt het een giftige stof genoemd en dat je het zoveel mogelijk moet vermijden. Vanuit de wetenschap is er een duidelijk antwoord…

Wat zijn zoetstoffen?
Zoetstoffen zijn toevoegingen die producten zoeter maken. Volgens het Voedingscentrum zijn er 15 zoetstoffen goedgekeurd voor gebruik. Sommige van deze zoetstoffen komen van nature voor in vruchten zoals bessen en citrusvruchten. In de voedingsindustrie krijgen deze stoffen een E-nummer, wat aangeeft dat ze goedgekeurd zijn door de EFSA (European Food Safety Authority), de Europese voedselveiligheidsautoriteit.

Categorieën zoetstoffen
Zoetstoffen zijn onder te verdelen in twee categorieën: polyolen (of niet-intensieve zoetstoffen) en intensieve zoetstoffen. Polyolen, zoals xylitol gevonden in suikervrije producten, zijn even zoet of half zo zoet als suiker en leveren ongeveer 2,4 kilocalorieën per gram. Intensieve zoetstoffen daarentegen zijn 30 tot 37.000 keer zoeter dan suiker en leveren weinig tot geen calorieën omdat er maar een kleine hoeveelheid nodig is voor een zoete smaak. Voorbeelden hiervan zijn thaumatine, neohesperidine-DC en steviolglycosiden uit natuurlijke bronnen, en synthetische zoals aspartaam en sucralose.

Zoetstoffen en gezondheid
Ondanks de vele verhalen op het internet, bevestigt wetenschappelijk onderzoek dat zoetstoffen veilig zijn voor consumptie. Aspartaam bijvoorbeeld, vaak gebruikt in light frisdranken, wordt afgebroken tot componenten die ons lichaam gemakkelijk kan verwerken, tenzij men lijdt aan fenylketonurie, een zeldzame genetische aandoening.

Dosering van aspartaam
Voor volwassenen is de veilige dagelijkse hoeveelheid vastgesteld op 40 mg per kilogram lichaamsgewicht. Dit betekent dat een persoon van 100 kilogram tot 4000 mg aspartaam per dag kan innemen, het equivalent van ongeveer 27 blikjes cola light. Voor kinderen wordt echter aangeraden om voorzichtiger te zijn met het gebruik van zoetstoffen vanwege hun lagere lichaamsgewicht.

Opdracht
Reflecteer op je eigen consumptie van zoetstoffen. Overweeg hoeveel zoetstoffen je dagelijks binnenkrijgt en onderzoek of dit binnen de veilige grenzen valt. Probeer tevens een dagboek bij te houden van je inname van zoetstoffen voor een week om een beter inzicht te krijgen in je consumptiepatronen.

Bronnen om na te lezen
– https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/zoetstoffen.aspx
– https://www.zoetstoffen.eu/vgv/allergisch-voor-aspartaam/

Posted on

Leer luisteren naar je hongergevoel

hongergevoel

Wanneer je eet, verdwijnt meestal je hongergevoel. Dit komt omdat het brein een signaal afgeeft dat je verzadigd raakt. Je kunt merken dat niet alleen je hongergevoel verdwijnt, maar er is ook een gevoel van genoeg of soms zelfs van teveel. Het signaleren dat je verzadigd raakt tijdens het eten komt vanuit een complex systeem dat begint bij de stretchsensoren in de maag.

In theorie zou je sneller vol moeten zitten bij meer calorieën, maar er zijn meer factoren die een rol spelen. Eén van de bekendste factoren is dat we vloeibare calorieën niet goed registreren. Dit verklaart waarom frisdranken kunnen bijdragen aan overgewicht, omdat ze veel calorieën bevatten en we ze toch blijven drinken. Het verzadigingsgevoel kan, naast het signaal van de stretchsensoren in de maag, ook komen door de mix van macronutriënten, en het verzadigende effect van eiwitten.

Het goede nieuws is dat honger en verzadiging te trainen zijn. Dit kun je doen door regelmatig te eten en een dagboek bij te houden over voedingsmiddelen en verzadiging. Hierdoor kun je ontdekken hoe je jouw hongergevoel of beter gezegd je verzadigingsgevoel kunt koppelen aan de producten die je eet en drinkt.

Opdracht
Probeer de komende twee weken een voedingsdagboek bij te houden. Noteer niet alleen wat je eet en drinkt, maar geef ook voor en na de maaltijd je hongergevoel en verzadigingsgevoel aan (0 = geen honger of niet verzadigd, 10 = enorme honger en volledig verzadigd).
Door dit te doen, leer je bij welke producten je eerder een verzadigd gevoel hebt en stopt met eten, en bij welke producten juist niet.

Tip
Nu je weet bij welke producten je meer verzadigd raakt, is het advies om juist die producten te eten wanneer je een slaapschuld hebt (je erg moe voelt) of wanneer je (veel) stress ervaart. De reden hiervoor is dat je bij vermoeidheid en stress sneller terugvalt in oude (ongezonde) gewoontes zoals overeten.